Zoeken

Zoek op de website
Zoeken
water-tegen-nachtvorst

Water tegen nachtvorst

In de bloeiperiode kunnen de bloesems bedreigd worden door nachtvorst. Dan daalt de temperatuur dicht bij de grond 's nachts tot onder het nulpunt. Bij deze temperatuur bevriest water en wordt ijs. Als de temperatuur nog verder daalt, bevriezen ook de bloemknoppen. Om dat te voorkomen besproeit de fruitteler zijn bomen met water. Daarvoor is in de boomgaard een installatie aangelegd. Doordat het water op de bomen en knoppen bevriest, bevriezen de bloemknoppen niet. Want als water overgaat van vloeibare naar vaste vorm, ijs dus, komt er warmte vrij. Die warmte wordt stollingswarmte genoemd. Hierdoor daalt de temperatuur nooit verder dan nul graden en de bloemknoppen bevriezen dus niet. Stollingswarmte komt alleen vrij als water bevriest. Het water moet dus blijven sproeien tot de nachtvorst voorbij is. Dit kan soms uren duren. De fruitteler heeft een nachtvorstmelder. Dat is een alarminstallatie die hem 's nachts wakker maakt als er nachtvorst op komst is. Hij kan dan snel de sproei-installatie aanzetten.